Curator vermoedt wanbeleid bij failliete kantoorinrichter Office Centre

Er komt een onderzoek naar de mislukte overname van kantoorartikelenhandel Office Centre, die uiteindelijk leidde tot de ondergang van het bedrijf. Dat heeft de rechter besloten. Het onderzoek concentreert zich op de drie jaar dat Office Centre in handen was van twee ondernemers.
Office Centre was een Nederlandse verkoper van kantoorartikelen, die voortkwam uit de Makro en in 1999 werd overgenomen door de grote Amerikaanse branchegenoot Staples. Zeven jaar geleden verkochten de Amerikanen het Nederlandse bedrijf met destijds 39 winkels, 550 werknemers en een omzet van 80 miljoen euro aan het veel kleinere KantoorExpert.
Klein Duimpje
KantoorExpert, in handen van ondernemers Frans Davelaar en Goswin Fijen, telde op dat moment 125 werknemers en boekte een omzet van nog geen 14 miljoen euro. De overname ter waarde van 35 miljoen euro leidde destijds al tot verwondering. "Klein Duimpje verzwelgt reus Office Centre", schreef zakenkrant het FD.
Aanvankelijk leek de toekomst zonnig. In september 2019 namen de twee ondernemers zelfs nog enkele Duitse onderdelen van Staples over, voor 13 miljoen euro. Maar al snel kwam het bedrijf in de problemen. Begin 2020 kwam Office Centre onder bijzonder beheer bij huisbank ABN Amro.
Dat jaar boekte de groothandel ruim 19 miljoen euro verlies, op een omzet van 186 miljoen euro. Het jaar erna kelderde de omzet tot 130 miljoen, en bedroeg het verlies ruim 15 miljoen euro.
Faillissement
In juni 2021 verkochten de twee eigenaren Office Centre voor 1 euro aan de Amsterdamse investeringsmaatschappij Standard. Maar de nieuwe eigenaar wist het tij niet te keren. Office Centre ging in het voorjaar van 2022 op de fles. Ten tijde van het faillissement telde het bedrijf nog 32 Nederlandse winkels, een webwinkel en zo'n 350 medewerkers.
Ook het Duitse zusterbedrijf van Office Centre ging bankroet. Het faillissement leidde ten slotte ook tot problemen bij profvoetbalclub FC Groningen, waarvan Office Centre de hoofdsponsor was geweest. De eredivisieclub leed een strop van 1 miljoen euro.
Curator Rinke Dulack werd aangesteld om het faillissement van Office Centre af te wikkelen. In het kader van het daarbij behorende onderzoek naar de oorzaken van het bankroet stelde hij daarbij de afgelopen jaren kritische vragen.
Eind vorig jaar stapte de curator naar de Ondernemingskamer. Bij deze in bedrijfsconflicten gespecialiseerde rechtbank vroeg hij om een onderzoek naar de gang van zaken bij de kantoorartikelenhandel. Als daarbij misstanden worden vastgesteld, kan zo'n onderzoek de opmaat vormen voor een aansprakelijkheidsstelling.
Waslijst verwijten
Voor de Ondernemingskamer presenteerde Dulack een waslijst aan verwijten. Volgens de curator hadden de ondernemers geen goed idee hoe zij Office Centre na de overname gezond moesten maken. Ook verwijt de curator dat zij de winsten uit de verkoop van vastgoed en goedkope voorraden niet gebruikten om het bedrijf weer op de rails te krijgen.
De curator vermoedt verder belangenverstrengeling bij enkele transacties, waarbij de ondernemers dubbele petten droegen. En bij de Duitse overname zouden financiers mogelijk verkeerd zijn voorgelicht, wat druk zette op de relatie met de huisbank. Ten slotte zouden de bestuurders geen idee van de risico’s van het bedrijf hebben gehad, en hoe ze deze moesten beperken.
In een toelichting aan RTL Z bevestigt Dulack te vermoeden dat er bij Office Centre sprake was van wanbeleid. "Wij vermoeden dat, en willen dat door de rechtbank laten vaststellen."
Verweer ondernemers
Ex-bestuurders Davelaar en Fijen betoogden voor de Ondernemingskamer dat een onderzoek naar de mislukte overname niet nodig was. Volgens hen hadden zij wel degelijk een heldere strategie om het bedrijf weer gezond te maken, en voerden zij die ook uit. Daarbij lieten zij zich bijstaan door bekende adviseurs.
De mislukking van de overname van Office Centre schreef Davelaar al eerder, in een interview eind 2021, onder meer toe aan de coronacrisis. Daardoor moesten de Duitse winkels tijdelijk dicht, werden er andere producten met lagere marges verkocht, en moest er veel per post worden verzonden.
Risicovolle overnames
Uit een onlangs openbaar geworden uitspraak blijkt dat de Ondernemingskamer niet gevoelig is voor de argumenten van de bestuurders en opdracht heeft gegeven voor een onderzoek.
Volgens de rechters bestaan er inderdaad 'serieuze twijfels', bijvoorbeeld over de wijze van de financiering van de overname. Ook de overname van de kwakkelende Duitse activiteiten, op het moment dat het Nederlandse bedrijf al in de problemen zat, roept volgens de Ondernemingskamer vragen op.
In de uitspraak schrijven de rechters onder meer dat 'het financiële beleid niet werd aangepast' en dat het bedrijf 'doorging op de ingeslagen weg door het doen van nieuwe risicovolle overnames'.
Schadeclaim
Het onderzoek, dat wordt uitgevoerd door advocate Hanneke De Coninck, beperkt zich tot de drie jaar dat Office Centre werd bestuurd door Davelaar en Fijen. Het richt zich dus niet op de negen maanden vlak vóór het faillissement, toen investeerder Standard aan het roer zat.
Curator Dulack wil desgevraagd nog niet vooruitlopen op de vraag of hij van plan is om uiteindelijk de schade van het faillissement te verhalen op de ex-bestuurders, als de Ondernemingskamer wanbeleid vaststelt. "Mijn positie noopt tot voorzichtigheid. Ik wil niemand voor de voeten lopen."
Tientallen miljoenen schade
Het totale tekort in het faillissement van Office Centre loopt volgens de curator 'in de tientallen miljoenen'. Of de ex-bestuurders beschikken over een aansprakelijkheidsverzekering, zegt hij wel te weten, maar niet te willen delen. "Bij grote ondernemingen is het wel gebruikelijk dat dat zo is."
Ex-bestuurder Davelaar zegt het onderzoek 'met vertrouwen' tegemoet te zien. "Mijn compagnon en ik betreuren het dat de curator ons afgelopen jaren geen vragen heeft gesteld. Wij hadden al veel antwoorden kunnen geven."
Davelaar zegt dat nu alsnog te zullen doen. "Wij hebben niets te verbergen. Destijds vond iedereen die overnames een goed idee. Het zal niemand verbazen dat je in een lastige situatie terecht komt als daarna corona uitbreekt en je geen steun krijgt. Wij kunnen alle beslissingen uitstekend onderbouwen, ook in het licht van de tijdgeest van toen. Het is aan ons om dat nu uit te leggen, en aan de rechters om daar dan wat van te vinden."