Chemische industrie vertrekt uit Nederland, maar hoe erg is dat eigenlijk?

Drie grote chemiebedrijven sluiten fabrieken in Nederland, en oliereus Shell overweegt hetzelfde. De multinationals klagen over hoge energieprijzen, waardoor er geen winst te behalen zou zijn. Wat betekent hun vertrek voor de Nederlandse economie?
"Selective closures in Europe", meldde Shell dinsdag aan zijn aandeelhouders. Het olie- en gasbedrijf wil meer geld verdienen met de chemieactiviteiten of er anders vanaf. En hoewel er nog geen beslissing over genomen is, kan dat gevolgen hebben in Nederland. Shell Chemicals Park Moerdijk is een van de grootste chemische complexen van Europa.
Toekomst ongewis
Er werken zo'n 900 Shell-medewerkers en nog eens 400 mensen van andere bedrijven. Een besluit over de toekomst wordt overigens niet snel verwacht, meldt Het Financieele Dagblad op basis van kenners van de sector.
Bij andere bedrijven is de knoop al wel doorgehakt. Het Amerikaanse bedrijf LyondellBasell en de Duitse partner Covestro hebben besloten hun gezamenlijke fabriek op de Maasvlakte te sluiten. De redenen: er is veel overcapaciteit in de chemiesector wereldwijd en de vraag is juist ingezakt. De kosten om te produceren zijn juist hoog, specifiek in Europa. Vandaar dat daar de klappen vallen.
Honderden banen
De fabriek van LyondellBasell en Covestro sluit uiterlijk eind volgend jaar. Voor 60 van de 160 medewerkers betekent dit dat zij ander werk moeten zoeken. De andere werknemers kunnen mogelijk ergens anders in het bedrijf aan de slag.
Of de 240 medewerkers van het Amerikaanse bedrijf Tronox hetzelfde lot wacht, is onduidelijk. De fabriek van het bedrijf op de Maasvlakte was al gesloten, vanwege een probleem bij de chloorleverancier. Na een 'strategische review' heeft het moederbedrijf besloten de fabriek ook niet meer open te doen. Als reden geeft het bedrijf het 'steeds uitdagendere ondernemersklimaat'.
De chemische industrie klaagt al langer over de hoge kosten om te produceren in Nederland. "De situatie is best nijpend. Er is een mandje met uitdagingen die opgelost moeten worden om de industrie hier ook te kunnen houden", verwoordt Boudewijn Siemons - directeur van het Havenbedrijf Rotterdam - het sentiment.
Chemie goed voor 7 miljard euro
De chemische industrie was goed voor bijna 7 miljard van de ruim 960 miljard euro die we met zijn allen verdienden in Nederland in 2023. Dat komt neer op 0,7 procent. Dat klinkt misschien niet heel indrukwekkend. "Maar als je al die kleine beetjes weghaalt, scheelt dat uiteindelijk wel", waarschuwt Peter Hein van Mulligen, hoofdeconoom van het CBS.
De chemie-industrie staat bovendien ook niet op zichzelf, vult Siemons aan. "Dit is ook de industrie die kunststoffen maakt die belangrijk zijn voor de energietransitie, maar ook voor de autonomie van Europa." In de haven vrezen ze een domino-effect: als een bedrijf verdwijnt, volgen er meer. "Die hele chemie zit eigenlijk helemaal met elkaar verbonden."
"Als je er dingetjes tussenuit haalt, merkt de rest dat ook", zegt de havendirecteur. "Het verdienvermogen van het totale cluster dreigt achteruit te gaan." Er moet dan ook een plan komen 'om zeker te weten dat we ze hier kunnen behouden'. Daarin is een belangrijke rol voor de politiek weggelegd.
Hoge energieprijzen
Steen des aanstoots zijn vooral de energieprijzen. Die liggen in Nederland hoger dan in buurlanden, doordat daar de belastingen op energie lager zijn. Daarnaast zitten de bedrijven in hun maag met de CO2-heffing voor de industrie: de plicht om rechten te kopen om CO2 uit te mogen stoten.
De noodkreten zijn ook in Den Haag luid en duidelijk gehoord. Ze zullen besproken worden bij het maken van de voorjaarsnota, vertelt politiek verslaggever Irene de Kruif. Of er extra steun komt voor de bedrijven is nog geen uitgemaakte zaak. De CO2-heffing is bijvoorbeeld van belang om de industrie te stimuleren om te verduurzamen, schreef verantwoordelijk minister Sophie Hermans van Klimaat en Groene Groei onlangs in antwoord op Kamervragen.
CO2-uitstoters
De sluiting van de genoemde bedrijven helpt wel mee aan het halen van de klimaatdoelen. Het zijn namelijk bedrijven die relatief veel CO2 uitstoten. LyondellBasell hoort zelfs tot de groep grote bedrijven waarmee de rijksoverheid zogeheten maatwerkafspraken wil maken om te verduurzamen.
De bedrijven koste wat kost hier houden met overheidssteun is volgens een groep van 13 vooraanstaande economen een 'uiterst onverstandig' idee. Het kabinet moet investeren in sectoren die een toekomst hebben, in plaats van 40 miljard euro aan subsidies en belastingvoordelen geven aan bedrijven die 'niet duurzaam' zijn.
En dat zijn dan ook nog eens bedrijven die nog flink winst maken, schrijven de economen in hun open brief aan het kabinet. Dat blijkt ook uit onderzoek van het CBS uit 2024 naar de gevolgen van de hogere energiekosten voor het bedrijfsleven. De winsten van de chemische industrie stegen harder dan de kosten in de periode van 2019 tot en met 2022.
De industrie is niet het enige onderdeel van de economie waar de uitstoot omlaag moet om klimaatdoelen te halen. Dat geldt ook voor de agrarische sector. En koe Berta uit de onderstaande video kon daar wel eens een hele belangrijke bijdrage aan leveren.