Gletsjers smelten sneller en sneller: ijsvolume Alpen 40 procent geslonken sinds 2000

Het ijs van gletsjers smelt wereldwijd steeds sneller, zo blijkt uit een grote studie met behulp van satellietgegevens. De resultaten daarvan verschijnen vandaag in het wetenschappelijke tijdschrift Nature. Er hebben zo'n honderd onderzoekers uit onder meer de VS, de EU en Azië aan meegewerkt.
Gemiddeld gaat het om een ijsverlies van ongeveer 5 procent sinds het jaar 2000. Oftewel 273 miljard ton ijs per jaar. Maar de verschillen zijn groot: zo zijn de gletsjers in de Alpen bijna 40 procent aan ijsvolume kwijtgeraakt, in minder dan 25 jaar tijd.
Opmerkelijk is ook dat de kleinere gletsjers gezamenlijk veel meer ijs verliezen dan de ijskappen in het Noord- en Zuidpoolgebied. Het gaat om 18 procent meer dan de Groenlandse ijskap en meer dan dubbel zoveel als die op Antarctica.
Smelten gaat sneller
Het smelten gaat steeds sneller: de afgelopen tien jaar lag het smelttempo 36 procent hoger dan in de tien jaar daarvoor. Belangrijkste oorzaak: de verbranding van de fossiele brandstoffen olie, steenkool en gas.

Satellietonderzoeker Bert Wouters van de TU Delft werkte mee aan het onderzoek. "We wisten wel dat het smelten snel gaat”, zegt hij. "Maar hoe snel precies, daarover bestond veel onduidelijkheid. Er zijn dan ook ongeveer 275.000 gletsjers op aarde."
Meten
Het is ondoenlijk om al die gletsjers op de grond op te meten. Op sommige plekken gebeurt dat al wel gedurende langere tijd, zoals in de Alpen, in Alaska en op IJsland. Onderzoekers extrapoleerden deze veldstudies, dat wil zeggen: ze probeerden een inschatting te maken van andere gebieden dan waar de metingen daadwerkelijk plaatsvinden.
Maar aan die methode kleven grote onzekerheden. De onderzoekers zijn er nu in geslaagd om met satellieten vanuit de ruimte de hoeveelheid ijs van gletsjers veel preciezer te meten. Daarvoor zijn satellietmetingen gecombineerd met veldmetingen op de grond. Ook ruimtevaartorganisatie ESA is erbij betrokken.
Tweeduizend jaar
In het laatste grote rapport van het VN-klimaatpanel IPCC, uit 2021, werd al wel geconstateerd dat deze mate van ijsverlies van gletsjers hoogstwaarschijnlijk niet eerder is voorgekomen in zeer lange tijd.
"Er bestaat een zeer groot vertrouwen dat de gletsjers, op enkele uitzonderingen na, zich sinds de tweede helft van de negentiende eeuw hebben teruggetrokken. Dit gedrag is in ieder geval de afgelopen tweeduizend jaar ongekend", stelt het IPCC.
Veel verloren
Ook het VN-klimaatpanel kon toen nog niet eenduidig zeggen in welke mate gletsjers wereldwijd kleiner worden. Met behulp van satellieten zijn nu hoogteveranderingen in kaart gebracht. Ook kunnen er vanuit de ruimte foto's worden gemaakt, die telkens worden herhaald, en met elkaar worden vergeleken.
De onderzoekers proberen met een vergelijking duidelijk te maken om hoeveel ijs het gaat. Professor Michael Zemp, glacioloog aan de universiteit van Zürich, zegt: "Om dit in perspectief te plaatsen, de 273 miljard ton ijs die jaarlijks verloren gaat, komt neer op wat de hele wereldbevolking in dertig jaar tijd consumeert, uitgaande van drie liter water per persoon per dag."
Nederland: geen gletsjers, wel gevolgen
In Nederland zijn geen gletsjers. Toch ervaart ons land wel de gevolgen van kleiner wordende Alpengletsjers. Zo bestaat het water in de Rijn deels uit dit smeltwater, deels uit smeltende sneeuw in hetzelfde gebied, en uit regenwater in het gehele stroomgebied van de Rijn.
Omdat gletsjers in de Alpen steeds verder wegsmelten, door de opwarming van de aarde, en er minder sneeuw valt, wordt neerslag steeds belangrijker voor de waterstand van de Rijn. Klimaatverandering veroorzaakt daarmee grotere verschillen tussen hoge en lage waterstanden.
Op andere continenten, zoals Azië en Latijns-Amerika, zijn de gevolgen nog veel groter dan in Europa. Zo zijn honderden miljoenen mensen afhankelijk van de gletsjers in de Himalaya, niet alleen voor drinkwater, maar ook voor irrigatie in de landbouw en bestaanszekerheid voor boeren.
Andere breedtegraden
Dat het ijs van kleinere gletsjers sneller smelt, en daarmee op dit moment een grotere bijdrage levert aan de wereldwijde zeespiegelstijging dan ijs uit het Noord- en Zuidpoolgebied, komt vooral doordat deze gletsjers op andere breedtegraden liggen.
Hoe dichter bij de evenaar, hoe warmer, en dus hoe meer smeltend ijs. Daar komt nog bij dat land sneller opwarmt dan oceaanwater, en gletsjers vaak middenin landen liggen. Dat is ook een van de redenen waardoor het ijs in de Alpen zo veel sneller verdwijnt dan gemiddeld.
Naar verwachting zal ook het smelten in de Himalaya gedurende deze eeuw steeds harder gaan. "De impact is dus veel groter dan zeespiegelstijging alleen", zegt onderzoeker Wouters.
Dat alle kleinere gletsjers samen tot nu toe belangrijker zijn als het gaat om klimaatverandering dan het ijs op Groenland en Antarctica, is nog onvoldoende over het voetlicht gekomen, vindt hij. "Al zal dit in de toekomst wel veranderen, eenvoudigweg omdat er met name op Antarctica nog veel meer ijs ligt opgeslagen."
Een primeur door veranderend klimaat: voor het eerst is er Nederlandse soja verkrijgbaar in de supermarkt, zo zie je in deze video.