Rapport: leefomstandigheden in vluchtelingenkamp al-Hol in Syrië 'rampzalig'

Artsen zonder Grenzen (AzG) luidt de noodklok vanwege de 'rampzalige leefomstandigheden' in het vluchtelingenkamp al-Hol in het noorden van Syrië. In een rapport spreekt de organisatie van 'wetteloosheid', dramatische humanitaire omstandigheden en een totaal gebrek aan bescherming tegen geweld in het kamp voor voormalige strijders van Islamitische Staat (IS) en hun familieleden.
Vorige week arriveerden in ons land nog twaalf Nederlandse vrouwen met hun 28 kinderen. Zij worden verdacht van terroristische misdrijven en zaten al jarenlang vast in kampen in het noorden van Syrië, waaronder ook het beruchte al-Hol kamp.
Twee stervende kinderen per week
Volgens de Verenigde Naties (VN) verblijven er zo'n 50.000 mensen in het kamp en gaat het vooral om vrouwen en kinderen. Een deel van de mensen is afkomstig van buiten Syrië, zoals dus ook Nederland.
De VN concludeerde eerder dit jaar al dat de omstandigheden in al-Hol en andere kampen in het noordoosten van Syrië levensbedreigend zijn voor de kinderen. In al-Hol sterven gemiddeld twee kinderen per week door ziektes en ondervoeding.
Bekijk hier beelden die in 2019 van het kamp al-Hol werden gemaakt:
Een van de bewoners zegt tegen Artsen Zonder Grenzen dat 'we vastzitten tussen twee vuren: de veiligheidstroepen en de extremisten'.
"Het is een soort gevangenis. Er is hier geen vrijheid", zegt de bewoner. Veel mensen die in het kamp verblijven vrezen dat de veiligheid en levensomstandigheden in de toekomst alleen maar verder zullen verslechteren en dat zij voor altijd in al-Hol zullen moeten blijven.
Koerden willen internationale oplossing
De kampen staan onder Koerdische controle. De Koerden roepen de internationale gemeenschap al tijden op om te helpen een oplossing te vinden voor de problemen. Zij willen onder meer dat de mensen in de kampen die voor IS hebben gevochten maar niet uit Syrië komen worden gerepatrieerd naar hun landen van herkomst.
Landen zijn huiverig om vrouwen terug te halen. Frankrijk deed dit lange tijd bijvoorbeeld niet, uit angst voor nieuwe aanslagen van radicale jihadisten. Toch besloot het Zuid-Europese land vorige maand om vijftien vrouwen en veertig Franse kinderen terug te laten keren naar Frankrijk.
Nederland ook terughoudend
Ook Nederland is altijd terughoudend geweest met het ophalen van de vrouwen die er destijds zelf voor hebben gekozen om naar Syrië te gaan, onder meer omdat een dergelijke operatie te gevaarlijk zou zijn. Maar onder druk van de rechtbank en een Tweede Kamermeerderheid kwam het kabinet eerdere deze maand toch in actie.