'Kleinschalige, particuliere scholen steeds populairder'

Ondanks de vaak hoge kosten van particuliere, kleinschaligere scholen kiezen ouders steeds vaker voor deze alternatieven in plaats van voor regulier onderwijs. De scholen schieten als paddestoelen uit de grond, door de hoge vraag naar deze alternatieve vorm van onderwijs.
Dit schrijft het AD.
Verdubbeling particuliere scholen
De hoeveelheid kleine scholen is in vijf jaar tijd verdubbeld, blijkt uit cijfers van de Onderwijsinspectie. In 2018 telde Nederland 58 particuliere basisscholen en 10 particuliere middelbare scholen.
Op 1 juni van dit jaar werden er 101 van dit soort basisscholen en nog eens 39 scholen in het voortgezet onderwijs geteld.
De belangrijkste reden voor deze toename lijkt corona te zijn geweest. Inspecteurs vertellen aan het AD: 'Ouders zagen dat hun kinderen anders, en soms ook sneller, leerden.'
De scholen zouden hierdoor inspringen op een andere manier van lesgeven, waar soms meer aandacht wordt besteed aan een eigen levens- of opvoedingswijze.
Scholen met focuspunt
Zo zijn er scholen waar kinderen zelf richting kunnen geven aan hun leerproces, scholen gelieerd aan een bepaalde politieke stroming of scholen waar kinderen met bepaalde verschijnselen extra rust kunnen vinden en waar meer aandacht is voor natuur en ruimte.
Op de scholen zou gestreefd worden naar leren vanuit eigen motivatie. Er zou meer inbreng van het kind zelf gestimuleerd worden, er wordt geleerd in gemengde leeftijdsgroepen en er is meer respect voor de samenleving en de natuur.
Dat klinkt heel mooi, maar wie draait er op voor de kosten van deze scholen? Dat zijn de ouders, of bijvoorbeeld sponsors, zelf.
Hoge kosten
Volgens Particulier Onderwijs Nederland lopen de tarieven van particuliere basisscholen uiteen van 13.800 euro tot 19.000 euro per schooljaar. Voor een middelbare school in de bovenbouw betalen de ouders gemiddeld 24.300 euro per jaar.
De vraag is of deze kleine scholen hun zaken wel financieel op orde kunnen houden, vooral gezien de kleine hoeveelheid leerlingen die de school vaak telt. Het kostenplaatje is vaak een stuk onzekerder dan bij regulier onderwijs, dat via de overheid wordt gefundeerd.