Caravan hartstikke populair: 'Tweede huisje op wielen'

Nederland is het enige land in Europa waar het aantal nieuwe caravans het afgelopen jaar steeg. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van de European Caravan Federation (ECF). Waarom vinden wij het juist zo fijn om in een caravan te vertoeven? Twee caravan-enthousiastelingen leggen het uit.
Martijn Verkade, lid van de Nederlandse Caravan Club, groeide op met kamperen. Hij is nu 51 jaar, maar ging vanaf zijn 11de al met zijn ouders mee. Als volwassene is hij met zijn vrouw en kinderen een paar keer op vliegvakantie geweest, maar daarbij viel de drukte op veel bestemmingen toch tegen. "En je zit dan altijd in de spullen van een ander."
Dus besloot het gezin over te stappen op kamperen. Eerst met de tent, 'superleuk, supergezellig', maar uiteindelijk toch met de caravan. Het was een 'heel charmant caravannetje' dat in de zomervakantie op de camping in Zuid-Frankrijk tegenover het gezin kwam staan, dat Martijn over de streep trok. "Ik zat ernaar te kijken en ik keek m'n vrouw aan en zei: als we samen oud mogen worden, dan op die manier."
Nog voor de eerstvolgende vakantie in de herfst kocht 'ie een caravan. "Lampjes aan, kachel aan. Het is gewoon gezellig."
Vrijheid
Martijn en zijn vrouw zijn net terug uit Zweden, waar ze negen weken lang zijn geweest met hun 'huisje op wielen'. Skiën, schaatsen, wandelen... Ze hebben het allemaal gedaan. "Wat wij zo fijn vinden, is dat je al je eigen spullen bij je hebt. Het is gewoon je tweede huisje."
Bovendien hoeft hij geen rekening te houden met eventuele volgeboekte hotels of in- en uitchecken. "Je kunt er gewoon heen wanneer je wilt. Het is heel flexibel."

Die vrijheid is ook waar de 75-jarige Jan enthousiast over is. Jan, oprichter van Caravanclub Nederland, kampeert al sinds 1975. Eerst met de vouwwagen, maar inmiddels al lang en gelukkig met de caravan. Kamperen met de tent is wat hem betreft nog steeds het 'mooiste kamperen', maar qua comfort heeft de caravan tegenwoordig toch de voorkeur.
Hij heeft samen met zijn vrouw inmiddels heel Europa doorkruist. In mei gaan ze weer bijna drie maanden op avontuur. "Je zet de caravan op de camping neer en je kunt het hele gebied ontdekken", vertelt hij. En eigenlijk begint het plezier onderweg al: "Je kunt je behoefte doen, even rusten, eten."

Een recent hoogtepunt was een natuurcamping in Duitsland. "Daar zat je gewoon echt midden in de natuur. In het zand, tegenover een groot meer", zegt Jan. Hij had er leuke gesprekken met andere campinggasten, maar ook met kanoërs die vanaf het meer bij de camping aankwamen. "Ik vond dat zo geweldig."
Van oudsher
Het enthousiasme van de twee mannen wordt dus door veel Nederlanders gedeeld. De Kampeer en Caravan Industrie (KCI) kwam vandaag met cijfers waaruit blijkt dat Nederlanders verantwoordelijk zijn voor 12 procent van alle gekochte caravans in Europa.
"Het is echt iets van oudsher", zegt Tom Huyskens van de KCI. "De Hollanders trekken er graag op uit. Je zult in elke uithoek van Europa op de camping eerder een Nederlander tegenkomen dan een Belg."
De enorme populariteit heeft volgens hem voor een deel te maken met de nasleep van de coronaperiode. "Toen kon natuurlijk niemand in het vliegtuig of naar een all-inclusive", zegt Huyskens. "Veel mensen hebben in die periode kamperen ontdekt of herontdekt."
Hij is zelf ook erg te spreken over de caravan. "We stappen in, de hond gaat mee en we rijden naar waar we naartoe willen", zegt hij. Soms kiezen ze zelfs pas op het laatste moment waar ze heen gaan. "Vorig jaar keken we op het laatste moment: waar in Europa is het lekker weer? Dat bleek Rome te zijn. Nou, toen reden we naar Rome."